Dunedin en omgeving

Maandag 8 maart 2010 – Vandaag zijn we in en rond Dunedin gebleven. Dunedin (Ōtepoti in het Maori) is de tweede stad in grootte na Christchurch op het Zuidereiland van Nieuw-Zeeland met circa 113.600 inwoners (2005) en een oppervlakte van 3315 km². Dunedin werd in 1848 gesticht door de Free Church of Scotland. De naam komt van Dun Eidann de Keltische naam voor de Schotse hoofdstad Edinburgh. De Dunedin Peninsula (ook wel Otago Peninsula genoemd) is bekend om haar natuurschoon. Op dit schiereilandje vindt men veel beschermd natuurschoon, zoals een albatroskolonie en een kleine kolonie van geeloogpinguïns.

Deze ochtend hebben we bezoekje gebracht aan het “Royal Albatross Centre”. Daar aangekomen bleek je alleen de albatrossen te kunnen zien wanneer je deelnam aan een van de excursies en dat hebben we dan ook gedaan. Dit duurde een uur en voor we naar de albatrossen toegingen kregen we wat uitleg over de levenscyclus van deze dieren. Albatrossen behoren tot de grootste vliegende vogels en de grote albatrossen zijn met hun spanwijdte van 3 meter de grootste, nog levende, vogels. Van de erkende 21 soorten zijn er momenteel 19 met uitsterven bedreigd! Het aantal albatrossen is in het verleden sterk afgenomen vanwege de vraag naar veren, tegenwoordig zijn de grootste bedreigingen echter geïntroduceerde soorten zoals ratten en katten die eieren, kuikens en broedende vogels opeten, de grote afname in visbestanden door overbevissing en langelijnvisserij. Langelijnvisserij vormt de grootste bedreiging, omdat de vogels worden aangetrokken door het aas, aan de lijn worden gehaakt en vervolgens verdrinken. Overheden, natuurbeschermingsorganisaties en mensen binnen de visserij proberen deze bijvangst te verminderen. Schrikbarend om dit allemaal te horen, maar het is goed dat er organisaties als deze van het centrum zijn die mensen er op wijzen wat er speelt.

Er was overigens ook een dvd te zien die meer vertelde over wat de visserij kan doen (en ook doet) om de bijvangst van o.a. albatrossen te verminderen. Er wordt bijvoorbeeld gebruik gemaakt van lood zodat de lijnen sneller zinken en er wordt een extra lijn uitgegooid met linten die de vogels afschrikken. Ook wordt het slachtafval aan een “veilige” kant geloosd. En er wordt vaker ’s nachts gevist, hetgeen ook helpt. Maar er is nog een lange weg te gaan.

Het was een interessant bezoek, maar het fotograferen van de vliegende albatrossen zat er niet in. De observatiepost was namelijk voorzien van glas en dat maakt het fotograferen nagenoeg onmogelijk. Maar het was wel een imposant gezicht zo’n vogel voorbij te zien vliegen!

Na ons bezoek daar zijn we nog even de stad zelf ingegaan om wat winkels te kijken en uiteraard ook iets van de stad zelf te zien. We zijn, zoals ik al vaker vermeld heb, geen stadsmensen maar ja, als je er dan toch bent, waarom niet even kijken?