Cody

Zondag, 16 mei 2010 – Gisteren zijn we in Cody aangekomen. Onderweg hebben we nog een stop gemaakt bij Devils Tower. Devils Tower is een monoliet van 386 meter hoog. De top bevindt zich op 1558 meter boven zeeniveau. Devils Tower is bij veel mensen waarschijnlijk bekend van de film “Close Encounters of the Third Kind”. De berg is voor de indianen heilig. Volgens een indianenlegende is de berg ontstaan toen een zevental kleine meisjes aan het spelen waren en aangevallen werden door een beer. Zij klommen op een berg en baden tot de berg om hun te redden. Daarop begon de berg te groeien totdat de kinderen zo hoog waren dat de beer ze niet meer kon bereiken. De groeven in de rots zouden gevormd zijn door de klauwen van de beer die probeerde de meisjes te pakken te krijgen. De berg werd zo hoog dat de meisjes volgens de legende nog steeds te zien zijn als het sterrenstelsel Pleiades. De indianen hadden dan ook de naam Grizzly Bear Lodge voor Devils Tower. De naam Devils Tower werd aan de monoliet gegeven door kolonel Richard I. Dodge.

De rit naar Cody was qua omgeving prachtig. We zijn een gedeelte van de Rocky Mountains gepasseerd en bovenin lag nog volop sneeuw. De uitzichten waren echt heel erg mooi.

In Cody hebben we vandaag het Buffalo Bill Museum bezocht. Er waren 5 verschillende hallen in het museum. Een tentoonstelling ging over het leven van de indianen en hoe dit veranderde door de komst van de blanken. De indianen gebruikten het land om van te leven. Zij leefden ook van de jacht op de bisons, waarvan ze alles gebruikten; het vlees om te eten en de huid om kleding van te maken. Toen de blanken kwamen gingen deze jacht maken op de bisons enkel en alleen voor de huid. Er stond een verhaal over de slachtpartij door blanken waarbij zo’n 40.000 bisons gedood werden enkel voor de huid; het vlees werd gewoon op de prairie achtergelaten. De indianen moesten ook in huizen wonen en hun nomadenbestaan opgeven. Het is gewoon onmenselijk wat blanken destijds de indianen aangedaan hebben vinden wij.
Een andere tentoonstelling ging over de geschiedenis van wapens. Er waren kastenvol met verschillende geweren, pistolen, revolvers etc. Dat er zoveel verschillende zijn gemaakt is niet te geloven. Er was nog een hal waar allemaal kunst (schilderijen, beelden etc.) hing over het wilde westen. In een andere hal die we bezocht hebben, was een uitleg gegeven over het dierenleven wat voorkomt op verschillende hoogtes in Yellowstone. Heel leerzaam en mooi opgezet. Wel werd er gebruik gemaakt van heel veel opgezette dieren (wat wij dan wat minder vinden), maar eerlijk is eerlijk hierdoor werd het wel een stuk duidelijker en interessanter.
Daarnaast was er ook nog een tijdelijke tentoonstelling over westernzadels. Echt hele meesterwerken waren er bij, het leer helemaal bewerkt. Zadels die gemaakt waren om nooit te gebruiken, want dat zou zonde zijn.
Natuurlijk was er ook een hal helemaal gewijd aan Buffalo Bill en het Wilde Westen. Buffalo Bill heette eigenlijk William Frederick Cody. Hij kreeg zijn bijnaam toen hij een baan aannam om de werkers aan de Kansas Pacific Spoorweg te voorzien van bizonvlees (de Engelse benaming voor de bizon is buffalo). Buffalo Bill was een ruige buitenman, maar hij had zeker een liberale inslag met zijn uitgesproken mening over de rechten van zowel Indianen als vrouwen, en hoewel hij bekend werd als doder van de buffels sprak hij zich uit voor conservering van dit Amerikaanse symbool. Hij was tegenstander van de huidenjacht en vóór instelling van een jachtseizoen.
Vanuit zijn ervaring als verkenner met respect voor de oorspronkelijke bevolking zei hij eens:
“Ieder gevecht met Indianen dat ik heb meegemaakt was het gevolg van het breken van beloftes en verdragen door de regering.”
Hij noemde hen “de vroegere vijand, huidige vriend, de Amerikaan.”
In 1896 stichtte Cody, samen met enkele geldschieters, de stad Cody in Wyoming.

Omdat we vrij veel tijd in het museum doorgebracht hadden en het al wat later in de middag was, zijn we daarna gewoon een stuk gaan rijden om van de omgeving te genieten alvorens een hapje te gaan eten.